Duizenden jaren geleden leefde er een filosoof, Plato was zijn naam. Hij was anders dan de meeste mensen om hem heen. Hij was ontzettend slim en dacht veel na over de wereld om hem heen. Hierdoor ontwikkelde Plato een filosofie, waarin hij wilde laten zien hoe hij dacht over het waarnemen van de mens. Om zijn filosofie uit te kunnen leggen aan de mensen, gebruikte hij een grot als voorbeeld. Hij beeldde zich in dat er gevangenen zaten in deze grot, die nog nooit de buitenwereld hadden gezien. Op mysterieuze wijze zagen deze gevangen schaduwen van voorwerpen op de muur. Doordat zij alleen de schaduwen zagen, hadden ze geen idee hoe de werkelijke voorwerpen eruit zien. Ze zagen dus niet de echte voorwerpen, maar een afspiegeling hiervan. Plato legde uit, dat ieder mens zo'n gevangene is, en dat niemand de échte waarheid ziet. Iedereen leeft in een donkere grot, en wordt bedrogen door de schaduwen van de werkelijke voorwerpen.

Dit klinkt bijna als een slecht sprookje, en dat is precies de bedoeling. Met dit kunstwerk wil ik laten zien dat niets is wat het lijkt. Hierin heb ik de filosofie van Plato gebruikt, omdat zijn voorbeeld zó diepgaand is, dat weinig mensen iets snappen van zijn geklets over schaduwen en een grot. Hierin herken ik mezelf. Het gebeurt mij zo vaak dat ik denk dat ik een geweldig idee heb voor een nieuw kunstwerk, maar dat ik wazig word aangestaard als ik dit idee aan andere mensen vertel. Om deze reden heb ik de gedachte achter dit kunstwerk maar verkort tot één woord: gezichtsbedrog. Naar mijn mening is Plato de bedenker van gezichtsbedrog, maar heeft hij het zó ingewikkeld uitgelegd dat hij gezien wordt als één van de meest slimme mensen die ooit heeft bestaan.
 
Om deze boodschap over te brengen heb ik met gevaar voor eigen leven mijn gezicht ingegipst, en met glasscherven een mozaïek gemaakt. Het masker staat voor de afspiegeling van de ware gezichten die wij zien. Met dit werk heb ik toch wel bewezen dat ik bijna net zo diepgaand denk als Plato.